De winter is het koudste seizoen van het jaar, maar voor veel mensen ook een gezellig seizoen met Kerst, Oud & Nieuw en wintersport.

Een ongelukje zit in een klein hoekje, lees onze tips zodat je deze winter geen risico loopt! 

Paspoort icoon

Verkeer

Wanneer de dagen korter worden en de temperaturen dalen dien je ook in het verkeer extra oplettend te zijn. Of je nu op de fiets stapt, met de auto gaat of buiten gaat sporten, zorg dat je rekening houdt met een aantal zaken.

Auto winterklaar maken

Door de lage temperaturen in de winter heb je eerder kans op problemen met de auto. Hierbij een aantal tips om je auto winterklaar te maken: 

  • Zorg dat de deuren niet kunnen vastvriezen door de rubbers in te vetten. Dit kan met een stick met een smeerseltje of eventueel met talkpoeder of siliconenspray.
  • Gebruik in de winter ruitenwisservloeistof met antivries. Antivries zorgt ervoor dat je ruitensproeiervloeistof minder snel bevriest.
  • Gebruik de handrem in de winter niet, deze kan namelijk vastvriezen. Laat de auto in P of versnelling staan. Indien de handrem vastgevroren is laat dan de motor draaien zodat alles ontdooit.
  • Stel een setje met winterspullen samen voor de auto. Denk aan een ijskrabber, ruitontdooier, slotontdooier (bewaar die niet in de auto), veiligheidsvest en warmte deken.
  • Winterbanden zorgen bij temperaturen onder de 7 graden voor een betere grip op droge, natte, bevroren en besneeuwde wegen. In Duitsland en enkele andere Europese landen is het bij winterse omstandigheden verplicht om winterbanden te hebben gemonteerd.

Autorijden in de winter

In winterse omstandigheden kan autorijden een stuk lastiger zijn. Houd rekening met onderstaande tips zodat je veilig van a naar b komt: 

  • Goed zicht is zeer belangrijk bij winterse omstandigheden. Maak de ruiten en lampen van de auto goed sneeuwvrij voordat je vertrekt.
  • Trek geleidelijk op, dat voorkomt het risico van doorslippen. Mocht dit toch gebeuren, schakel dan naar een hogere versnelling.
  • Houd voldoende afstand en matig je snelheid ten opzichte van je voorganger.
  • Mocht de auto bij het afremmen gaan slippen, laat dan de rem los en begin voorzichtig opnieuw te remmen. Blijft de auto in een slip? Trap dan de koppeling in en stuur in de richting waar je van plan was naar toe te gaan. Ook al ga je op een obstakel af, ga nooit op de rem staan! Probeer het obstakel te ontwijken en door te sturen.

Fietsen in de winter

Als fietser is het tijdens donkere winterdagen extra belangrijk om goed zichtbaar te zijn in het verkeer. Hoe kun je hiervoor zorgen? 

  • Zorg ervoor dat je goed werkende fietsverlichting hebt.
  • Fiets zoveel mogelijk op fietspaden die goed verlicht zijn.
  • Zorg ervoor dat je zelf goed zichtbaar bent, door kleding met reflecterende strepen of een veiligheidshesje.
  • Probeer slecht verlichte openbare wegen met veel autoverkeer te vermijden.
  • Blijf in het donker altijd alert.

Fietsen met gladheid

Wanneer het glad is op de weg dien je extra op te passen. Wat kun je doen?

  • Zet je zadel lager, zo kun je beter met je voeten bij de grond wanneer je dreigt te vallen.
  • Laat wat lucht uit je banden lopen, zachte banden zijn breder en geven net wat meer grip.
  • Houd afstand van de rand van de weg, aan de rand hoopt ijs en sneeuw zich vaak op.
  • Fiets met beide handen aan het stuur.
  • Wanneer je veel fietst in de winter kun je overwegen om winterbanden voor de fiets aan te schaffen.

Buitensporten in de winter

Hardlopen, fietsen, wandelen, nu de dagen korter worden kan het gevaarlijk zijn als je niet goed zichtbaar bent in het verkeer. Enkele tips om veilig te kunnen sporten in het donker:

  • Zorg voor reflecterend materiaal op je schoenen en/of kleding of een veiligheidshesje.
  • Maak gebruik van verlichte voet- en of fietspaden.
  • Als er geen verlichte paden zijn, loop in de tegengestelde richting, zodat je het verkeer ziet aankomen.
  • Sport zoveel mogelijk op bekende routes en vermijd afgelegen plekken waar niemand komt.
  • Laat familie/vrienden weten dat je de deur uit gaat en neem iets mee waar je naam, adres opstaat.
  • Zorg dat je altijd zelf goed oplet en alert blijft bij sporten in het donker.

Schaatsen op natuurijs

Schaatsen op natuurijs, zodra het vriest kan een groot deel van Nederland niet wachten om het ijs op te gaan, enkele tips om veilig te schaatsen:

  • Draag schaatsen die goed passen, anders kun je last krijgen van blaren of voeten die bevriezen.
  • Zorg voor warme kleding om je te beschermen tegen kou en bevriezing.
  • Draag wanten of handschoenen om je handen te beschermen tegen kou en wanneer je valt.
  • Ga nooit alleen schaatsen en ga ook nooit in het donker het ijs op.
  • Kijk uit voor wakken. Een wak zit vaak bij rietkanten, bruggen en op plekken waar eenden zitten.
    Mocht je onder het ijs komen, weet dan dat het wak een donkere plek in het ijs is. Maar: als er sneeuw op het ijs ligt, is het wak juist lichter van kleur.
  • Neem iets te eten en drinken mee als je langer onderweg bent.
  • Door valpartijen kun je lelijke snijwonden oplopen van de schaatsijzers, zorg dat je weet wat je moet doen bij ongelukken en neem een klein EHBO tasje mee.
  • Houd de berichtgeving goed in de gaten. Op de sites van KNSB en Buienradar wordt aangegeven waar het natuurijs betrouwbaar genoeg is om te schaatsen en waar niet.
Koffer icoon

Vakantie

Jaarlijks vertrekt een groot deel van Nederland naar wintersportgebieden om te genieten van een skivakantie. Maar zorg voor een goede voorbereiding, zodat je er een onvergetelijke vakantie van kunt maken.

Wat neem je mee in de auto?

In andere landen gelden andere regels. Check het overzicht voor de verplichte veiligheidsartikelen per land.

Banner verplichte veiligheidsartikelen

Woningbeveiliging

Het is voor inbrekers vaak eenvoudig om de woningen eruit te pikken waarvan de bewoners voor langere tijd weg zijn. Het advies is dus: geef je huis een bewoonde indruk. Hoe kun je dit doen?

  • Vraag je buren om je woning in de gaten te houden of vraag een familielid om enkele dagen in jouw woning te verblijven.
  • Gebruik een tijdsschakelaar voor verlichting.
  • Zorg ervoor dat de brievenbus geleegd wordt en laat de post uit het zicht leggen.
  • Vertel een beperkt aantal familieleden en vrienden wanneer en waar je met vakantie bent. Zorg dat ze in geval van nood in jouw woning kunnen.
  • Maak geen melding op sociale media dat je op vakantie gaat. Wees ervan bewust dat criminelen berichten meelezen.

Kijk hier voor meer preventietips.

Mobiele telefoon

Gaat je smartphone of tablet mee op vakantie? Let dan op je internetverbinding. De kosten voor het gebruik van internet in het buitenland kunnen aardig oplopen. Zorg dat je roaming uitzet.

Voorbereiding op wintersport

Slecht getrainde spieren en vermoeidheid zijn de belangrijkste oorzaken van blessures bij wintersport. De kans op blessures kun je verkleinen, lees hier onze tips:

  • Bereid je lichaam voor door iedere week een aantal simpele oefeningen te doen.
  • Begin rustig en neem de tijd om te acclimatiseren. Kinderen kunnen last krijgen van oorpijn en oorontstekingen door veranderingen in hoogte.
  • Besteed aandacht aan het afstellen van de bindingen van de ski’s. Te strak afgestelde bindingen vergroten de kans op verwondingen bij een val.
  • Wees voorbereid op de kou en zorg dat je warme kleding meeneemt, vergeet niet om een muts mee te nemen.
  • Bescherm je ogen met een goede skibril of zonnebril, dit kan pijn aan de ogen en sneeuwblindheid voorkomen.
  • Zorg dat je jezelf en je kinderen goed insmeert met een vette zonnebrandcrème, deze kan niet bevriezen.
  • Doe een warming-up van te voren, dit verkleint de kans op blessures.
  • Zorg ervoor dat je voldoende drinkt, als je te weinig vocht binnenkrijgt word je sneller moe en vermindert je reactievermogen.
  • De Nederlandse Ski Vereniging adviseert iedere skiër een helm te dragen. De gevolgen van hoofdletsel kunnen ernstig zijn. In Oostenrijk is het dragen van een helm verplicht voor kinderen tot en met 14 jaar. Italie en Spanje verplichten kinderen tot en met 13 jaar een helm te dragen. In Zwitserland en Frankrijk overwegen ze deze verplichting ook.

Tien pisteregels

Veel ski-ongevallen ontstaan door verkeerd skigedrag. Bijvoorbeeld door roekeloos de helling af racen, zonder rekening te houden met andere skiërs. De internationale Skifederatie (FIS) heeft al in 1967 tien belangrijke skiregels opgesteld.

  1. Houd rekening met anderen. Zorg dat je anderen niet in gevaar brengt of schade toebrengt.
  2. Beheers je snelheid. Stem je snelheid en skistijl af op je eigen capaciteiten, de drukte op de piste, de staat van de piste en het weer.
  3. Kies een veilig spoor. Nader je een andere wintersporter van achteren? Kies dan een spoor waarmee je de ander niet belemmert of in gevaar brengt.
  4. Haal voorzichtig in. Inhalen mag aan alle kanten, als je maar voldoende afstand houdt. Je mag degene die je inhaalt niet in zijn of haar bewegingen belemmeren.
  5. Kijk uit bij oversteken en invoegen. Wil je op de piste (terug-) komen of een piste kruisen? Dan mag je anderen of jezelf niet in gevaar brengen.
  6. Sta niet zomaar stil. Val je, of stop je met een afdaling? Maak dan zo snel mogelijk de weg vrij en ga naar de kant. Zeker wanneer de piste smal of onoverzichtelijk is.
  7. Klim en loop altijd langs de kant van de piste. Als klimmende wintersporter mag je alleen de zijkant van de piste gebruiken. Hetzelfde geldt als je te voet afdaalt.
  8. Houd je aan de verkeersborden. Je moet je houden aan de pistemarkeringen en waarschuwingstekens.
  9. Verleen hulp bij ongelukken. Bij ongelukken ben je verplicht te helpen.
  10. Neem altijd je legitimatiebewijs mee. Bij een ongeval moet je je kunnen legitimeren. Het maakt niet uit of je getuige of betrokkene bent bij een ongeval.

Kijk hier voor meer veiligheidstips op de piste.

Bestemming icoon

Feestdagen

Kerst en Oud & Nieuw is een tijd van gezelligheid. Kaarsen, kerstversieringen, fonduen en gourmetten. Echter is dit niet zonder gevaar, lees onze tips zodat je geen risico loopt.

Kerstboom

Voor je het weet staat de Kerst weer voor de deur. Dat betekent dat de kerstboom weer tevoorschijn wordt gehaald, of je nu kiest voor een neppe boom of echte den, maak je woning op een veilige manier kerstproof:

  • Zet de boom niet te dicht bij gordijnen of andere gemakkelijk brandbare materialen.
  • Zorg dat de boom stevig staat en niet omvergelopen kan worden.
  • Zorg dat je een natuurlijke kerstboom voldoende water geeft. Zo voorkom je dat de boom uitdroogt en naalden verliest. Een uitgedroogde kerstboom is zeer brandbaar. In een verwarmde ruimte kan een boom maximaal drie weken het vocht vasthouden, daarna is de boom uitgedroogd.
  • Gebruik geen echte kaarsjes in de boom, een moment van onoplettendheid kan de boom in een brandende fakkel doen veranderen.
  • Doe de verlichting uit als je weggaat of gaat slapen. Niet alleen het lampje uitdraaien, maar haal de stekker uit het stopcontact.
  • Mocht er toch iets gebeuren, zorg dat je een brandblusser in huis hebt zodat je een beginnende brand kan blussen.

Verlichting

Tijdens de donkere dagen is het natuurlijk gezellig om je huis te versieren met verlichting. Maar let wel op een aantal punten:

  • Gebruik alleen verlichting met een KEMA-keur, controleer voor gebruik of de bedrading niet beschadigd is. Beschadigde draden kunnen kortsluiting veroorzaken.
  • Verlichting mag nooit gebruikt worden in bomen met een ijzeren frame.
  • Als je een kabelhaspel of verlengsnoer gebruikt, rol deze dan helemaal af. Deze kunnen namelijk warm worden, waardoor brand kan ontstaan.
  • Verleng een verlengsnoer nooit met een ander verlengsnoer.

Open haard

De dagen worden korter en buiten wordt het kouder, oftewel de open haard kan weer aan! Enkele tips om veilig te stoken: 

  • Een jaarlijkse vakkundige veegbeurt van de schoorsteen verkleint de kans op een schoorsteenbrand sterk.
  • Brand geen (geverfd) afvalhout, maar gebruik droog en schoon hout.
  • Gebruik een vonkenscherm.
  • Laat de open haard nooit onbeheerd achter als deze brandt.
  • Maak de open haard goed uit voordat je naar bed gaat of het huis verlaat.
  • Zorg voor voldoende ventilatie in je woning en trek in je schoorsteen. Anders kan de hoeveelheid koolmonoxide in huis ongemerkt tot een gevaarlijk niveau oplopen.
  • Brand in het rookkanaal? Doof meteen het vuur in de open haard, bij voorkeur met zand of zout. Gebruik geen water, dit zorgt voor hete stoom waardoor scheuren in het rookkanaal kunnen ontstaan. Als het vuur uit is, sluit dan de schoorsteenklep.
    TIP: zorg voor een emmertje zand in de buurt, bijvoorbeeld in de tuin.
  • Houd kleine kinderen uit de buurt van open vuur.

Kaarsen

Kaarsen zorgen voor een gezellige sfeer in huis, maar kunnen als je niet oplet voor gevaarlijke situaties zorgen. Enkele tips:

  • Zet kaarsen in een stevige houder op een vlakke ondergrond.
  • Gebruik geen houders van plastic, hout of ander makkelijk brandbaar materiaal.
  • Zorg dat kaarsen buiten bereik van kinderen en huisdieren blijven en laat kinderen en huisdieren nooit alleen met brandende kaarsen, ook niet voor een paar minuten.
  • Laat kaarsen in kerststukjes niet te ver opbranden en plaats de kerststukjes in het zicht.
  • Zet kaarsen en kerststukjes niet te dicht bij een warmtebron zoals de radiator of op de vensterbank. De kaarsen kunnen door de warmte week worden en ombuigen.
  • Zet kaarsen niet dicht bij brandbare materialen zoals gordijnen.

Fonduen en gourmetten

Tijdens de feestdagen staat bij veel gezinnen de fondue- of gourmetset op tafel. Tips voor een veilig etentje:

  • Voorkom dat de tafel te heet wordt en zet het fonduestel op een niet-brandbaar onderblad.
  • Plaats het gourmetstel of de fondue zo dicht mogelijk bij het stopcontact, zo verklein je de kans dat er iemand over het snoer kan struikelen en het toestel mee kan sleuren.
  • Als je spiritus gebruikt, vul dan nooit de brander in de nabijheid van vuur. Vul de brander als deze is afgekoeld en doe dit op een veilige plek in de tuin of op het balkon.
    Let op: een spiritusvlam is nagenoeg onzichtbaar; deze kan nog volop branden terwijl je denkt dat de vlam uit is.
  • Bij fonduen kan vlam in de pan slaan. Leg een passende deksel of een blusdeken klaar om het vuur te doven.

Vlam in de pan

Bij het koken of fonduen kan vlam in de pan slaan. Leg daarom een passende deksel in de buurt of hang een blusdeken in de keuken. Wat moet je doen als er vlam in de pan slaat?

  • Schuif de deksel of een blusdeken over de pan. Het voordeel van een blusdeken is dat deze groot genoeg is om een pan af te dekken en eventueel ook kleding van een persoon kan blussen.
  • Zet de warmtebron uit.
  • Laat de deksel of blusdeken op de pan liggen.
  • Ga niet met de pan lopen.
  • Blus een vlam in de pan nooit met water.
  • Zet de afzuigkap uit, wanneer je niet veilig bij de knoppen kunt doe dit dan door de stroomtoevoer in de meterkast uit te schakelen.
  • Synthetische kleding is licht ontvlambaar, pas daar dus mee op.
  • Laat kleine kinderen nooit zonder toezicht fonduen of gourmetten.

Oud & Nieuw

Bij het inluiden van het nieuwe jaar hoort een mooie vuurwerkshow. Helaas gebeuren er ieder jaar weer ongelukken met vuurwerk. Met deze tips kun je de kans op ongelukken verkleinen.

  • Bewaar vuurwerk op een droge en koele plaats, buiten het bereik van kinderen en nooit in je broek- of jaszak.
  • Zorg dat je iets hebt om vuurpijlen in te zetten of om potten stabiel neer te zetten. Bijvoorbeeld een fles half gevuld met zand of water.
  • Lees van te voren de afsteekinstructie.
  • Experimenteer nooit met vuurwerk! dit is levensgevaarlijk.
  • Draag bij het afsteken van vuurwerk geen brandbare kleding of capuchon.
  • Steek vuurwerk nooit uit je hand af, dit is gevaarlijk omdat het te vroeg kan ontploffen.
  • Zorg dat je voldoende afstand houdt van brandbare materialen. Probeer minimaal 5 meter afstand te houden.
  • Bereid je goed voor, zet een emmer water klaar voor noodgevallen of een ander blusmiddel.
  • Gebruik nooit lucifers of een aansteker om het vuurwerk aan te steken, maar gebruik een sigaret of aansteeklont.
  • Bescherm je ogen door het dragen van een veiligheidsbril.
  • Let op omstanders en houd vuurwerk buiten het bereik van kinderen.

Inbraakveiligheid

Rond de feestdagen slaan criminelen veelvuldig hun slag. Woninginbraak is niet geheel te voorkomen, maar je kunt erop wel verkleinen door rekening te houden met een aantal zaken.

  • Zorg dat je een bewoonde indruk achter laat, installeer tijdschakelaars op de lampen.
  • Sluit ramen en deuren of wanneer je van huis bent of naar een andere ruimte gaat.
  • Zorg voor goede buitenverlichting.
  • Leg waardevolle spullen niet in het zicht, zoals een laptop of sieradenkistje.
  • Meld je buren wanneer je op vakantie bent, maar zet dit niet op sociale media.
  • Bel de politie bij verdachte situaties.

Kijk hier voor meer informatie.

Zichtbaarheid huisnummer voor hulpdiensten

Zorg dat je huisnummer op de gevel goed zichtbaar is, zodat hulpdiensten bij spoed snel kunnen zien waar ze moeten zijn. Dit kan levens redden.

Ongeluk icoon

Ongeluk

Een ongeluk zit in een klein hoekje, ook tijdens de feestdagen of op wintersport. Om eerste hulp te kunnen verlenen is het handig om altijd een verbanddoos in huis te hebben of mee te nemen op vakantie.

Bevriezing

Bevriezing van de huid treedt op wanneer de huid langdurig aan temperaturen onder het vriespunt wordt blootgesteld. 

  • Eerstegraads
    De huid kleurt bleekgrijs, en is, na ontdooien pijnlijk en rood tot violet van kleur.
  • Tweedegraads
    Blaren op de huid gevuld met helder of bloederig vocht, is zeer pijnlijk.
  • Derdegraads
    De huid is spierwit en gevoelloos.

Hoe te handelen bij bevriezing?
1e graads bevriezing: liefst opwarmen met eigen lichaamswarmte. Anders met lauw water opwarmen. Geen warm water gebruiken, want dat is pijnlijk.

2e graads bevriezing: blaren heel laten. Schakel professionele hulp in bij 2e en 3e graads bevriezing.

Blaren

Zijn je blaren gesloten en niet al te pijnlijk? Houd de blaren dan gesloten, dit voorkomt namelijk de kans op infecties. Prik de blaren alleen open als ze pijnlijk zijn en ga voor (grote) bloedblaren naar de huisarts.

  1. Maak de blaar en de omgeving rondom de blaar voorzichtig schoon met water en zeep of met niet-kleurend waterig ontsmettingsmiddel.
  2. Gebruik handschoenen om te voorkomen dat er vuil in de wond komt.
  3. Neem een bloedlancet of een steriele naald en houd deze evenwijdig aan de huid en prik enkele malen aan de basis van de blaar (dus niet middenin).
  4. Druk met een steriel kompres het vocht uit de blaar.
  5. Dek de blaar af met stroken kleefpleister. Vermijd plooien: plak de stroken kleefpleister dakpansgewijs steeds vanuit het midden, zorg dat er geen spanning op de kleefpleister zit.

Botbreuken

Verschijnselen bij botbreuken:

  • (Scherpe) pijn op de breukplaats
  • Kan lichaamsdeel niet gebruiken
  • Zwelling
  • Soms vreemde stand bot en abnormale bewegelijkheid
  • Soms uitwendige wond
Wat te doen bij een botbreuk?
  • Afhankelijk van de plaats van de breuk: eerst alarmeren!
  • Zorg dat het getroffen lichaamsdeel NIET kan bewegen, door te ondersteunen.
  • Bij arm, breng een mitella aan
  • Bij been, voorkom wegrollen door er iets tegen aan te leggen (dekenrol)
  • Verwijder sieraden i.v.m. zwelling lichaamsdeel
  • Bij een open breuk de wond steriel afdekken, met een metalline verband
  • Naar spoedeisende hulp / wachten op komst ambulance

Brandwonden

Bij een brandwond is het belangrijk om eerst minimaal 10 minuten af te koelen, oftewel: eerst water, de rest komt later.

  • Let op gevaar (voor jezelf)
  • Brandende kleding doven
  • Minimaal 10 minuten koelen in stromend lauw (leiding) water
  • Kleding en sieraden verwijderen, vastzittende kleding niet verwijderen
  • Wond steriel afdekken met metalline verband
  • Burnshield (of gelijkwaardige) kompressen plaatsen
Beoordeel de brandwond;

1e graad: rood en pijnlijk
2e graad: blaarvorming
3e graad: wit/zwart en gevoelloos

Laat bij tweede en 3e graads verbrandingen altijd een arts de wond beoordelen. Bij brandwonden van meer dan 9% van het lichaamsoppervlak, praat men over zeer uitgebreide verbranding waarbij het slachtoffer in een shock kan komen. De grote van je hand is ongeveer is ongeveer één procent van het lichaamsoppervlak. Let op! Stuur een slachtoffer NOOIT alleen maar begeleid of laat het slachtoffer begeleiden naar een arts.

Bij olieachtige producten: (frituurvet, stookolie etc.)
  • Olie verwijderen met water en zeep
  • Minimaal 30 minuten spoelen met water

Voor brandwonden geldt: koelen heeft altijd zin tot ongeveer 1 uur na het ontstaan van de brandwond.

Onderkoeling

Onderkoeling treedt op wanneer de lichaamstemperatuur onder de 35 graden komt. Het lichaam is niet meer in staat meer warmte te produceren dan dat er verloren gaat. Oorzaken hiervan kunnen zijn: brandwonden, bloedverlies, te water raken, uitputting. Bij een baby kan onderkoeling ontstaan wanneer de omgevingstemperatuur te laag is.

Er is onderscheid te maken in lichte onderkoeling en ernstige onderkoeling.

Lichte onderkoeling: het slachtoffer is bleek, koud, rilt en is bij bewustzijn. Een baby kan nog niet rillen en heeft soms een blauwe verkleuring rondom de mond.

Wat te doen bij lichte onderkoeling?
  • Breng het slachtoffer in een warme en beschutte omgeving
  • Verwijder zo nodig natte kleding
  • Wikkel het slachtoffer in een warmte deken en verwarmen door warme dranken
  • Voorkom verder afkoeling

Hoe gebruik je een warmte deken?
Indien de omgevingsfactoren koud zijn dan dien je de gouden zijde aan de buitenkant te doen, de deken zorgt ervoor dat 80% van de lichaamswarmte teruggekaatst wordt.

Als het buiten warm is dan gaat de zilverkleurige zijde naar de buitenkant. De zonnestralen worden teruggekaatst en houden het lichaam koel.

Ernstige onderkoeling: bij ernstige onderkoeling kunnen vitale lichaamsfuncties uitvallen.

Wat te doen bij ernstige onderkoeling?
  • Niet actief opwarmen (bewegen/wrijven)
  • Wees alert op veranderingen in het gedrag, is het slachtoffer alert? (dus kijkt helder uit de ogen en is aanspreekbaar)
  • Alarmeer direct de hulpdiensten bij uitval van vitale functies.

Kneuzing / verzwikking

Verschijnselen bij een kneuzing of verzwikking:

  • Eerst alleen pijn
  • Daarna dik worden
  • Soms later verkleuren
Ga zwelling tegen door:
  • Te koelen
  • Eventueel een drukverband aanleggen
  • Het lichaamsdeel te ondersteunen en/of hoog te leggen

Laat het slachtoffer sieraden afdoen voordat ze gaan knellen door het opzwellen van het lichaamsdeel. Bij twijfel altijd een arts raadplegen.

Snijwonden

Let op! Denk altijd aan je persoonlijke veiligheid, gebruik bij behandeling van een wond altijd handschoenen. Laat bij ernstige verwondingen een arts de wond beoordelen.

Bij een kleine snijwond:
  • Laat het slachtoffer sieraden afdoen voordat ze gaan knellen door het opzwellen van het getroffen lichaamsdeel.
  • Reinig de wond met lauw, stromend water.
  • Desinfecteer met sterilon of betadine.
  • Dek de wond steriel af.

Zonverbranding

Ook tijdens wintersport kun je snel verbranden. Door de reflectie van de sneeuw en door de schone lucht in de bergen kan de straling van de zon al snel te sterk zijn.

Wat te doen als je verbrand bent door de zon?
  • Ga uit de zon.
  • Koel de huid. Gebruik natte doeken of gebruik een waterige aftersun-gel.
  • Neem als het nodig is een pijnstiller (max 500 mg).
  • Laat blaren heel, prik ze niet door.
  • Blijf uit de zon zodat de huid zich kan herstellen.
Ga met zonnebrand naar de (huis)arts als:
  • Een groot deel van de huid door de zonverbranding gezwollen is.
  • Bij (uitgebreide brand) blaren.
  • Bij ziek voelen (koude rillingen, koorts, braken, misselijkheid, hoofdpijn of hartkloppingen).